May
24

De grottenwereld van de Heerderberg

By

Bron: Berggalm Jaargang 8 – nummer 4

Website: Berggalm

De Grottenwereld van de Heerderberg

Boven de vroegere uitgang van de Gemeentegrot te Valkenburg staat geschreven:

„U heb ik lief, omhuld altaar der duisternis Wijl Uwe nacht mij leert, hoe schoon het daglicht is.”

Van dit onderaards labyrinth met zijn eeuwige stilte en beklemmende duisternis, met zijn vele geheimen en onopgeloste raadsels, gaat toch een aantrekkingskracht uit, waaraan geen weerstand is te bieden.

Of men nu staat voor de inferno-achtige gaten van de grote Sint-Pietersberg of slechts voor de even schilderachtig gelegen grotopeningen van de kleine Heerderberg, voor den waren „bergloper” maakt dit geen verschil. Schreef Limburgs grootste grottenenthousiast, Willy Verster, niet eens: „Geeft men zich eenmaal over aan de lust om de geheimzinnige doolhof te verkennen, dan wordt de grot als een sirene, aan wier roep men geen weerstand kan bieden.”

Velen evenwel kunnen een zekere angst niet overwinnen om zelf in de donkere gangen een verkenningstocht te maken en stellen er zich mee tevreden allerlei verhalen te verzinnen, die de geheimzinnigheid van de Zuid-Limburgse grotten-wereld nog moet verhogen.

Bijzonder over de omvang en de uitgestrektheid wordt veel gefantaseerd. Reeds Faujas Saint-Fond maakt op het eind van de achttiende eeuw in zijn groot werk over de Sint Pietersberg melding van het feit, dat door de bewoners van die streek algemeen werd aangenomen, dat de gangen van de Sint-Pietersberg zouden doorlopen tot Visé,  ja zelfs onder de Maas door in verbinding zouden staan met de grotten op de rechter Maasoever gelegen.

Doch de schrijver wist reeds, dat dit louter op verbeelding berustte, omdat de Franse genie-officieren zich de moeite genomen hadden de hele Sint-Pietersberg te verkennen en een gedeelte in kaart te brengen. En vertelt Willy Verster niet, hoe oude bewoners van Valkenburg meenden, dat hun grot tot Maastricht zich uitstrekte en daar met de beroemde Sint-Pietersberg in verbinding stond?

heerderberg 300x141 De grottenwereld van de Heerderberg

Heerderberg

Is het dan te verwonderen, dat ook over de grotten van de Heerderberg iets dergelijks verhaald wordt in de omliggende dorpen? Liepen er geen gangen vanaf de grotten bij de Kiezelkuil gelegen naar het dorp Heer en onder de Maas door naar de Sint-Pietersberg? Kwam men niet in Bemelen uit, wanneer men de groeve achter de boerderij helemaal doorliep?

En al was dit misschien niet zo heel zeker vanwege de vele instortingen, dat men onder de Rijksweg kon doorlopen naar de Keerderberg, dat stond absoluut vast. Ja, en hoe uitgebreid was wel niet de Oude Berg aan de Holstraat? Dit was gewoonweg niet te zeggen. Het grootste gebaar van „heel wijd weg” was voldoende om de ongehoorde uitgestrektheid aan te geven. Hadden de beruchte Bokkenrijders, de schrik van Zuid-Limburg in het midden der achttiende eeuw, hun lugubere samenkomsten niet op de Heerderberg gehouden?

En waren het niet de Romeinen, die voor de eerste maal de mergelblokken op de Heerderberg braken voor hun vestings-werken en villa’s?
Werd dit niet onomstotelijk bewezen door de gang, die in Mei 1940 gevonden werd bij het maken van een tweede uitgang voor de schuilkelder? Wat jammer toch, dat dit alles naar het rijk der legende moet verwezen worden! en zij, die dit op hun geweten hebben zijn Broeder Jeroen en de schrijver.
Rond Kerstmis 1939 werd een speurtocht ondernomen in het onderaardse rijk van de Heerderberg.

Een week lang werden alle hoeken en gaten doorsnuffeld, opschriften werden genoteerd, de wanden betast en beklopt; al kruipende werden gevaarlijke stukken bezocht, materiaal werd weggegraven en langzaam maar zeker werden de omtrekken van het grottencomplex in onze geest gegrift.
Veel vraagtekens zijn nog steeds blijven staan, maar wel is thans bekend wat legende en wat historie is van de geliefde Heerderberg.
In totaal kunnen een twaalftal grotere en kleinere groeven op het terrein onderscheiden worden. Enige zijn niet meer dan spelonken.

Uit veiligheidsoogpunt komen slechts twee groeven in aanmerking voor blokbreken:

De grot in 1911 aangelegd voor de bouw van Huize St. Joseph en de Oude Berg op de Kiezelkuil, maar dan moet voor de laatste een betere ingang gemaakt en een gedeelte afgesloten worden. De omvang zelfs van de grootste groeve, de Oude Berg, is van die aard, dat van verdwalen geen sprake is.
Wel kan men enige uurtjes rondlopen zonder de uitgang te vinden, doch het is onmogelijk, dat men dagen zou kunnen ronddolen zonder door een reddingsbrigade gevonden te worden.

In de Sint-Pietersberg is dit ook thans nog mogelijk. In het algemeen gezegd zijn er in de loop der eeuwen maar weinig vaklui werkzaam geweest op de Heerderberg.
Een blik op de methode van uitkappen en het maken van gangen toont dit overduidelijk. Het gevolg hiervan is, dat zeer gevaarlijke plekken in de verschillende groeven zijn ontstaan.

Alleen het achterste gedeelte van de Boerderijgrot en van de Oude Berg vertoont een vakkundige aanleg. Ook enkele gedeelten in de grot bij de Vossenkuil dragen de sporen van een meesterhand. Hier treft men dan ook de namen aan van een bekend blokbreker nl. Conradi.
Het spreekt wel vanzelf, dat ook de Nieuwe Berg volgens de regels der kunst is aangelegd, hoewel het rechtse gedeelte vrij gammel is, het gevolg van het feit, dat onvoldoende kennis aanwezig is geweest wat betreft de dikte van de plafondlaag. Geen enkel gegeven wijst er op, dat de Romeinen op de Heerderberg werkzaam zijn geweest.

Wel heeft op de Keerderberg, waar nu het College ligt van O.L.V. van Lourdes, eens een Romeinse villa gestaan, Backerbosch geheten, doch er zijn aanwijzingen, dat ter plaatse de mergel voor de villa ontgonnen is. In de literatuur wordt tweemaal het blokbreken op de Heerderberg vermeld, zonder een nadere aanduiding welke groeve gebruikt werd.
Uit de Kapittelbesluiten van 1591— 1608 te Maastricht is op te maken hoe een gedeelte van de Oude Jezuietenkerk op de Breedestraat, waarvan de eerste steenlegging plaats vond in 1606, opgetrokken is met blokken, die op de Heerderberg gebroken werden.

En volgens het Schuttersboek, aanwezig in het Rijksarchief te Maastricht, gaf het Kapittel in 1657 aan de schutterij verlof om mergel te delven op ons terrein.
Deze beide gegevens zijn niet van die aard, dat daarmee gezegd is, dat toen voor de eerste maal mergel gedolven werd op ,de Heerderberg.

Evenmin kunnen de opschriften in de verschillende grotten iets leren. Wanneer in de Sint-Pietersberg het oudste opschrift dateert uit 1408, ofschoon het absoluut vaststaat, dat reeds de Romeinen hier werkzaam zijn geweest, dan kan geen verwondering wekken in de groeven van de Heerderberg zeker geen vroeger jaartal te vinden!
Wij vonden het oudste jaartal en wel 1650 in de Mariagrot.

Zeker is het blokbreken van oudere datum, doch wanneer precies de Heerderberg een groeve rijk was, zal wel altijd een vraagteken blijven.
Een volgende keer iets over de betekenis van de groeven als veilige schuilplaats voor de omringende dorpen in tijden van oorlog en belegering.

pixel De grottenwereld van de Heerderberg

Leave a Comment

*